Al neuriënd loop ik de bijna lege wachtkamer binnen. Ik hou van de kerstperiode, met kerstliedjes heb ik echter niet zoveel, maar op de heenweg naar de huisartsenpost had ik de radio aan en dan ontkom je niet aan de kerstklassiekers.
‘All I want for Christmas…’ neurie ik en een stem valt me mij: ‘… is You-ou.’ Ik kijk opzij en kijk in het grijnzende gezicht van een man van zo’n vijftig jaar.
‘U zingt beter dan ik,’ zeg ik, en het is waar. Zingen is niet een van mijn kwaliteiten.
Meneer begint te vertellen. Als kind zat hij al op een koor van de kerk, op de middelbare school zong hij in een bandje en nu zingt hij weer in een koor, een popkoor dit keer. Hij doet ook regelmatig solo’s en heeft ook zangles. We kletsen even, maar dan moet ik snel door, er wordt op me gewacht.
Het is eerste kerstdag en ik heb een spreekuurdienst op de huisartsenpost. Ik kleed me snel om: wit pak aan, haar in een staart, ringen af, inloggen en gaan. Mijn eerste patiënt is: de zingende meneer. Hij is vanochtend door zijn eigen hond gebeten en heeft ons gebeld wat hij moest doen. Omdat hij in zijn hand is gebeten, heeft hij antibiotica nodig en omdat hij langer dan tien jaar geen tetanusvaccin heeft gehad, moet die ook herhaald worden. Dit mag binnen 72 uur, dus het had ook na de kerst bij de eigen huisarts gekund. Omdat hij er nu toch is om de antibiotica op te halen, doen we dat meteen. We kletsen nog even over zijn zanghobby, ik zet de injectie, leg uit waar hij op moet letten en adviseer de bijtwond over twee dagen nog even te laten controleren bij de eigen huisarts.
Gezellig begin van de dag!
De tekst gaat verder onder de afbeelding

Meer van zulke blogs lezen? Op 19 november 2021 is mijn tweede boek verschenen.
Bestellen kan hier! Ook als e-book te verkrijgen.
De lief en leed commissie heeft er ook alles aan gedaan om er een gezellige dag van te maken. De (nep)kaarsjes branden, de tafel is mooi gedekt met hulsttakken, er liggen kerstbroden en nog veel meer lekkers. Rond de middag komt de eigenaar van een pizzazaak in de buurt persoonlijk langs met vijftien pizza’s. Op onze verbaasde blik legt hij uit dat hij vorig jaar met kerst door ons heel snel geholpen is met zijn zieke dochtertje en dat de kinderarts heeft gezegd dat het aan het snelle handelen van de triagist te danken is geweest dat zij er zo goed vanaf is gekomen. Nu komt hij ons bedanken. Wat een mooi kerstgebaar!
Op mijn spreekuur is het niet zo druk, aan de telefoon is het wel gigantisch druk en ik spring daarom bij. Rond 14.00 uur krijg ik de moeder van de zevenjarige Amber aan de telefoon. Amber is rond 12.00 uur van de trampoline op haar arm gevallen en gebruikt die niet echt meer. Ze hebben gekoeld en ze heeft paracetamol gekregen, maar die lijkt niet echt te werken, ze ligt nu te huilen op de bank. De vraag van moeder is of ze tot na het weekend mag wachten.
Als er geen alarmerende dingen zijn, zoals een scheefstand of gevoelsverlies, dan mag er gewacht worden met het beoordelen van de arm en het maken van een foto. Als er na drie dagen nog klachten zijn, is het advies om wel een foto te maken. Als de pijn echter ondanks pijnstilling niet goed vol te houden is, maken we – vooral bij kinderen – meestal toch een afspraak zodat de huisarts kan beoordelen of er een foto gemaakt moet worden. In dit geval antwoord ik dus dat wachten wel mag, maar dat het niet mijn advies is.
Moeder overlegt met iemand op de achtergrond, ik denk met de vader van Amber, en ik hoor hem zeggen: ‘Ja, daar gáát dan mijn kerstdiner! Dag, hoor.’ Moeder komt terug met het antwoord dat ze liever toch niet komen omdat ze over een uur bij familie verwacht worden en dat ze na het weekend de eigen huisarts bellen. Ik noteer het in het verslag dat naar de eigen huisarts gaat.
Na mijn dienst rij ik naar mijn zus en als de radio weer Mariah Carey afspeelt, denk ik met een glimlach aan onze zingende patiënt. Aangekomen bij mijn zus zie ik mijn jongste zoon net een spektakelstuk uithalen op de trampoline, terwijl zijn nichtje hem staat aan te moedigen. Met een klap komt hij naast de trampoline terecht, op zijn arm.
En heel even denk ik: daar gáát mijn kerstdiner!
Gelukkig valt het mee, hij komt overeind, roept even dat het heul gemeen pijn doet en springt dan vrolijk verder. Ik ben gerustgesteld, loop naar binnen en schuif aan bij de rest van mijn familie.
Ik lees graag je reactie op deze blog!
Groet en liefs, Eveline
